07-05-2018: Ubach Palenberg: verkeerde fiets of verkeerde route ?

Even de situatie schetsen op maandag 7 mei 2018. Al enkele dagen stralend en kurkdroog weer. Dat betekent dat er tot in de verste uithoeken die vanuit Elsloo te bereiken zijn kilometers droog asfalt liggen, maar tevens zul je op geen enkel stuk niet geasfalteerde weg of pad een vochtig plekje vinden dat je verplicht om na de rit je fiets schoon te spuiten en je voorzichtig van je bemodderde wielerkleding moet ontdoen zodat moeder de vrouw ze direct in de machine kan stoppen. Gelukkig is de langste zin uit dit stukje er nu uit ! En zoals iedereen wel weet houdt Hub ervan om ons te verrassen met verharde verbindingsstukken tussen het asfalt. Vandaag leek het soms het tegenovergestelde. Asfalt zoveel als mogelijk vermijden. De racebandjes werden veelvuldig getest of ze lekproof waren en dat doorstonden ze allemaal glansrijk. Piet C had vandaag een makkie, geen bandje wisselen en schone handen. En de stuurmanskunst van iedereen scoorde een dikke voldoende. Kiezel, gaten, scherpe bochten, paaltjes, varkensruggen, tegemoet komende brede tractoren, opgebroken wegen, fietspaden met dubbele rijen scholieren die naar huis reden, uitstekende tak in de holle wegen, loslopende honden, breed geparkeerde auto’s en niet nader genoemde andere obstakels, lukten het niet om ons ook maar één keer kennis te laten maken met het asfalt. Foei, alweer zo’n lange zin. PS: wel werd Piet bijna van de weg gereden bij een wegversmalling. Lange rit, lange zin ? Natuurlijk trotseerden niet alleen Hub en Piet de elementen. Henk, Sjraar, Frans J, Pé, Jan C, Wim, Lei en gastrijder Jan, waren ook deelgenoot. Lei, als laatste genoemd mag als eerste een veer op zijn hoed steken. Na een moeilijke periode v.w.b. zijn gezondheid was dit pas de tiende rit dit jaar en dan instappen in deze groep en met dit parcours, petje af, Lei. Na de titel en het eerste stuk lijkt het of de schrijver niet zo ingenomen was met de rit van vandaag. Maar het tegendeel is waar. Afwijkend van de gebaande wegen is de omgeving waarin we dan kunnen vertoeven adembenemend mooi. Dat laatste zeker als het stevig omhoog gaat. Dan is het niet alleen trappen op je pedalen, maar ook op je adem. Dan kun je, steil omhoog langs de Lourdesgrot in Oirsbeek, alleen maar even stilletjes vragen om een helpend handje in de rug. In deze holle weg zou je verschillen kunnen maken, maar er werd heel sociaal naar boven gereden en op elkaar gewacht. Wat ook gezegd moet worden is dat de groep als geheel verschillende drukke wegen overstak of waarschuwde voor naderend snelverkeer. Toch waren we met zijn allen even voor Oirsbeek ietwat beneveld, want de Krekelbergweg in Thull leek even onvindbaar. Waren de dampen van de Alfa-brouwerij hier debet aan of de reeds felle zonnestralen ? Inmiddels rook Hub al de stal, niet om naar huis te gaan in Brunssum, maar ons te laten genieten van de schoonheid van zijn woonplaats. En hij bouwde dit heel geleidelijk op. Eerst enkele woonwijken, dan een uitgestrekt industrieterrein, de Afcentgebouwen en dan de trots van de gemeente, het Schutterspark en de Brunssummerheide. Het eerste kil, donker en vrij van zonlicht, maar het laatste open en warm met als hoogtepunt het hoogste punt van de heide. Een stevige klim over een smal pad dat slingerend omhoog krulde. Zwaar, maar ooooohhhhh zo mooi. Hier verklapte Hub mij hoe hij aan zijn fenomenale kennis van routes kwam: een cursus sterrenkunde bij de Sterrenwacht op de heide. Maar al schrijvende realiseer ik mij dat er overdag geen ster te zien is ! Is er dan toch nog een ander geheim ? Proberen om dat een volgende keer te ontfutselen. Inmiddels waren we op de landkaart in een gebied beland waar menigeen geen touw aan kon vastknopen. Gelukkig groeiden er hier en daar wat paaltjes met namen langs de weg, Landgraaf, Schaesberg, Eygelshoven, Kerkrade en met een wat andere kleur Herzogenrath. Maar daartussen werd menig keer gezegd: ”Waar zitten we hier eigenlijk ?” Of: “Deze kant kom ik nooit uit, want ik weet hier heg noch steg.” Toch fietsten we aan de achterkant van SnowWorld en het Pinkpopterrein. Hier waren de wegen wel geasfalteerd en konden we ook gebruik maken van de brede fietspaden. Deze brachten ons na bijna 45 km bij onze pauzeplek bij de bakker/lunchroom in Übach Palenberg. Onze stemming werd hier een flink stuk bedrukter, toen Piet meedeelde dat onze fietsmakker Kees van Beek zaterdag was overleden na een hartstilstand. De woensdag daarvoor maakte hij, zoals nu blijkt, zijn laatste rit met de C-groep. Natuurlijk werden er nog heel wat herinneringen over hem opgehaald. Misschien is Kees het best te typeren als iemand die niet van remmen hield, maar nu heeft iemand anders dat voor hem gedaan, oneerlijk, maar definitief.  Doch, zoals altijd wordt gezegd dat het leven moet doorgaan, betekende dat voor ons dat een negental fietsen weer hun weg richting Elsloo moesten zoeken. Al snel naderden we het riviertje de Worm, staken via een steil bruggetje over en omdat we stroomafwaarts reden over een prachtig geasfalteerde weg erlangs, lag het tempo lekker hoog. De kilometers liepen op de Garmin heel snel op en de beentjes voelden als “trappen in de boter”, smeltende boter dat wel. Maar de euforie bleef niet doorgaan, want al snel werd het weer keren en draaien, kiezel en paaltjes ontwijkend en weer staren naar geel-zwarte borden met niets zeggende namen. Geilenkirchen sprong er wel uit, maar daar kun je met al haar drukte het best zo snel mogelijk doorheen fietsen. Pas bij Hastenrath werd ook Gangelt genoemd en dat betekende dat de grens in zicht kwam. Geruisloos en niet direct merkend waar Nederlands weer de voertaal is zie je in de verte de markante vierkante toren van de kerk van Bingelrade in de lucht priemen. Voor even maar, want ook op de terugweg moet nog even een holle weg, voorzien van gaten en bezaaid met steentjes en takken, beklommen worden. Helemaal in de stijl van deze dag. Maar dan heb je het ook gehad, want de wegwerkzaamheden na de mooie afdaling vanuit Oirsbeek kun je al steppend en goed uitkijkend op je gemak nemen. Wel niet bevorderlijk voor het gemiddelde, maar daar maalt niemand vandaag om. Als Hub zich dan laat uitzakken, weten we dat hij ons gaat verlaten met een laatste opdracht: “Wel bij elkaar blijven tot in Elsloo.” En als brave leerlingen maken we absoluut geen misbruik van zijn afwezigheid. Tot aan het station van Elsloo, waar Henk, Frans en Wim nog een klein rondje Catsop doen om de kaap van 100 km te ronden en de anderen dat ook deden op weg naar ieders thuisbasis. Zo kwam er na 101 km, 611 hm en 22.4 gemiddeld een einde aan een gedenkwaardige rit, enerzijds door het parcours en zeker ook door het trieste bericht over onze Kees.

PS Kees was een goede wielrenner, reed vaak voorin de uitslagen. Hieronder een foto van Kees in kenmerkende stijl, en een paar uitslagen uit 1969.

En hier de route: https://connect.garmin.com/modern/activity/2680926234

De uitslagen van de NWB wedstrijden in 1969: http://www.wielkuntzelaers.nl/masterstoptien1969/index.php

ceesvanbeekveteranen.jpg