Eupen, light of heavy?

Als je ’s morgens vóór een lange en heuvelachtige rit geconfronteerd wordt met het overlijden van je vorige routeleider, ook een Hub, tijdens een rustige fietstocht, dan neem je hem de hele rit met je mee. Dan stel je jezelf de vraag of je moet meegaan, maar in zijn geest zou Hub alleen maar volmondig ja hebben gezegd. Daarom sloot ik me aan bij de groep die een half uurtje eerder dan anders een eerste van twee lange aprilritten voor de wielen kreeg. Eupen als eerste en Banneux daarop volgend. De weersvooruitzichten waren niet denderend: nevelig, fris en pas na de middag zou het zonnetje zich laten zien. Maar het pakte anders uit. Op de heenweg priemden de eerste stralen reeds door het wolkendek heen. Behalve aangename warmte leverde dat een nog mooier voordeel op. De landschappen in het land van Herve en terugkomend aan de Duitse kant lagen er wat wazig en geheimzinnig bij. En de reeds volop in bloei staande hoogstam leek met een beetje fantasie op plukjes schapen, liggend in het gras. En de rijen laagstam vanaf Reijmerstok bloeiden in rood en wit, of als appel en peer. Hopelijk hebben Hub, Esther, Lei, Mart, Joep, Chris, Pé en Sjraar er evenveel van genoten als Wim. In die contreien hadden we al wat hoogtemeters in de fietsschoenen zitten op o.a. de Daelhemerweg. Daar werd al duidelijk wie er vandaag goede benen had en wie het vooral na de pauze moeilijk zou krijgen. Na de Daelhemer werd in straf tempo Margraten, Termaar doorkruist en via het lange, golvende fietspad langs Reijmerstok, Terlinden, en Schilberg werd de Plank bereikt en door het Rode Bos de kruising naar Henri Chapelle. Daar merk je pas dat deze goed geasfalteerde weg in flink vals plat omhoog loopt.

Maar het uitzicht naar rechts in het dal vergoedt veel. Bij de rotonde van Hombourg even uit het zadel en op naar Welkenraedt. De favoriete weg was afgezet, maar de HubHub werd even gereset en via een dalende en stijgende omweg werd het dorp van de andere kant benaderd. Hier de eerste borden naar Eupen en Wesertalsperre, maar Membach en Baelen lagen nog in de weg. Van de meest troosteloze kant werd Eupen bereikt, namelijk langs de fabrieksterreinen van de Kabelwerke. Maar dan zouden we vijf minuten later wel beloond worden met koffie, cola en de meegebrachte versnapering en of versterking. Dat mocht ook wel na 55 km. Helaas, de hele voorgevel van de lunchroom was versierd door een 15tal fietsen van Hendriks-bouw uit Stein.

Gelukkig was er toch nog plaats voor ons 9-tal en werden onze fietsen ook tezamen gestald. Even een praatje gemaakt met enkele bekenden uit die groep, Wino, de bloemist, en “onze“ Piet C. Aan ons tafeltje voerden Tommeke en Parijs-Roubaix de boventoon. Na de afrekening, voor zo’n bedrag moet je vaker terugkomen, zochten we de mooie randen van de Talsperre op. Rechts het spiegelgladde water, links de hellingen vol sparrenbos, in het midden breed, maar grof lopend asfalt en rondom nog steeds het aangename gezelschap van de TC Elsloo. Maar dat laatste werd allengs wat minder compact want het landschap trakteerde ons vlak achter elkaar op twee langere, slopende hellingen. Hier werd de route omgedoopt in Eupen heavy. En dat zou de komende kilometers ook niet veranderen. Walhorn, Lontzen-Herbestal, Montzen konden alleen bereikt worden via wegen die of lang omhoog gingen of kort en steil. Gelukkig hadden onze buren aan deze kant “sehr schön und glad asfaltiert.” En zeer sociaal lieten sommigen zich even terugzakken om de achterblijvers op sleeptouw te nemen of moed in te spreken. Zelfs het feit dat de laatste Duitse helling aangekondigd wordt doet dan wonderen. Dat er rond Hombourg en Sippenaeken ook nog wat hobbels uitgestrooid liggen, moet je nog maar even uit je gedachten verbannen. Zo’n rit beleef je van klim tot klim. En gelukkig kun je vanaf Camping De Grens het parcours zelf uittekenen en je daarop instellen. Soms komt iemand er dan ineens zo doorheen, dat heuvels niet meer tellen en kopwerk geen enkel probleem meer is. Maar dan moet toch even aan de rem getrokken worden want een lange processie hoort wel in een Limburgs landschap, maar dan moeten we wel een maandje verder zijn. Nadat ieder daarvan doordrongen was gebeurde er iets merkwaardigs of beter gezegd bewonderenswaardig. Met de hele groep peddelden we de Stoepert tot aan het klooster Ravensbosch in rustig tempo omhoog. Hier werden nog eens de juiste hoogtemeters uitgewisseld om die in het verslag te vermelden. Hub en Chris werden bedankt bij de kop van Spaubeek en de staart van Schimmert en de anderen zochten hun weg terug naar Elsloo of elders. Deze Eupenrit werd beëindigd na 122 km, 1153 hm en 24 km gemiddeld. Voor de een light, voor de ander meer heavy. Nu wachten op een mooie zaterdag en dan op naar Banneux.

Hopelijk ook weer in het bijzonder fijne gezelschap van Hub, Esther, Mart, Chris, Lei, Sjraar, Joep, Pé en uiteraard andere eensgezinden.

 

Hier het routeplaatje: https://www.strava.com/activities/933019780